1.3. Algemene opmerkingen
Het landen maakt meer lawaai dan het opstijgen voor de
stille vliegtuigtypes. Bijvoorbeeld de Embraer E120 produceert
LAmax 86 dB(A) bij landing en 65 dB(A) bij opstijging.
Bij lage niveaus is het onderscheid tussen vliegtuiglawaai
en ander lawaai zeer moeilijk te onderscheiden. Dit betekent
dat het achtergrondlawaai weinig verschilt van het
vliegtuiglawaai. Misschien in het menselijk oor selectiever en
zeker subjectiever dan de geluidsmeter. Wij hebben dit
trachten op te lossen door de meting in dB(A) uit te voeren,
wat zo goed mogelijk het menselijk gehoor benadert.
Het linken van de events met overkomend vliegverkeer is
manueel gebeurd, detailfouten zijn dus mogelijk. Maar
vanzelfsprekend zijn de erge gevallen van geluidshinder
duidelijk na te trekken en met 100 % zekerheid op de
aangehaald toestellen vast te pinnen.
2. Geluidsmetingen gedurende 1996
Hiervan werden de officiële meetresultaten nooit aan VATUV
meegedeeld. Wel verscheen in de Gazet van Antwerpen van 18
maart 1996 het artikel: "Vogel maakt meer lawaai dan
vliegtuig".
Deze geluidsmetingen zijn vast en zeker niet zo objectief
als deze gedurende 1991 toen de metingen in de school aan de
Diksmuidelaan werden verricht gedurende een vakantieperiode.
In bovenstaand artikel is er immers sprake van, dat een
vallend voorwerp bijna evenveel lawaai maakt als een
vliegtuig.
3. Geluidsmetingen gedurende 1997
3.1. Samenwerking met Bond Beter Leefmilieu
In samenwerking met de Bond Beter Leefmilieu (BBL) heeft
VATUV binnenskamers geluidsmetingen laten uitvoeren gedurende
de maanden februari en maart 1997.
In Milieurama van april 1997 publiceerde de BBL onder meer
het volgende: 'Geluidsoverlast rond luchthavens overschrijdt
gezondheidsgrens'
Met de hulp van omwonenden zette Bond Beter Leefmilieu in
februari en maart '97 een heuse meet-campagne van
geluidsoverlast rond luchthavens op getouw. "De
geluidsmeter werd op verschillende plaatsen in Vlaanderen
opgesteld", verduidelijkt Jan Vanhee. "Telkens werd
de meter binnenshuis opgesteld en op een dergelijke manier
ingesteld dat verkeerde metingen, die eventueel zouden
veroorzaakt zijn door ander omgevingslawaai, uit de
eindresultaten geweerd werden". Interessant, want tot
hier toe gebeurden geluidsmetingen rond luchthavens steeds
buitenhuis.
3.2. Praktische belemmeringen
Bij de interpretatie van de meetresultaten moet evenwel met
een aantal randvoorwaarden rekening worden gehouden. Jan
Vanhee : "Uiteraard waren we enerzijds beperkt in tijd en
dienden we anderzijds om praktische redenen een selectie te
maken uit de verschillende meetlocaties. Daarnaast spelen ook
klimatologische omstandigheden een rol". Zo wordt de
aanvliegroute van vliegtuigen voor een groot deel bepaald door
de windrichting. Komt de wind bijvoorbeeld uit oostelijke
richting, dan zijn het vooral de inwoners van Steenokkerzeel
die de vliegertjes boven hun hoofd kunnen gaan tellen. In
geval de noordwestelijke wind zijn het dan weer de inwoners
van Haren en Diegem die het rustig indommelen kunnen vergeten.
Tenslotte is het interessant om vermelden dat alle metingen in
huis gebeurden. "Overal waar we metingen uitvoerden, was
er dubbele beglazing aanwezig en werd er minstens anderhalve
meter van ramen en deuren gemeten", merkt Jan Vanhee op.
Ander mogelijke parameters zoals muurdikte of
isolatiemateriaal werden evenwel niet in rekening gebracht.
3.3. Geen ongestoorde slaap
Maar kijken we even nar de resultaten. Vooral piekwaarden,
aangeduid door 'MASL' zijn van belang. Vliegtuiglawaai
vertoont immers de typische 'event beweging' : kortstondig
lawaai, maar dan wel met vaak heel hoge piekwaarden. Tijdens
de meetcampagne werden verschillende pieken gemeten boven de
50 dB(A). Dit is de als norm te hanteren streefwaarde voor
binnenhuis die de Wereldgezondheidsorganisatie in een recent
rapport voorstelt om belangrijke verstoring van normale
activiteiten van plaatselijk gemeenschappen te voorkomen.
"De metingen vertonen duidelijk aan dat die norm voor
buitenshuis op veel plaatsen zelfs al binnenshuis worden
overscheden, ook 's nachts," interpreteert Rik De Baere.
"In Zaventem haalden we 's avonds rond 21.00u
bijvoorbeeld pieken van 80 dB(A). Deze waarde ligt dan ook
veel hoger dan de 45 dB(A) maximum piekwaarden die de
Wereldgezondheidsorganisatie voorstelt als maximum
geluidsdrukniveau voor een ongestoorde slaap".
3.4. Resultaten van de metingen
|
Plaats
|
Hoogst gemeten MAXL
(= hoogste piekwaarde in dB(A)
|
Datum
|
Uur
meting
|
Aantal
metingen
|
Aantal keer overschreden
|
|
Oostende
|
78,8
|
8 februari
|
15u03
|
8
|
5
|
|
Deurne
|
79,2
|
16 februari
|
7u24
|
25
|
18
|
|
Meise
|
62,7
|
24 februari
|
3u52
|
|
|
|
Haren
|
82,4
|
4 maart
|
15u51
|
71
|
53
|
|
Zaventem
|
84,3
|
14 maart
|
20u41
|
|
|
4. Oefenvluchten veroorzaken lawaaihinder
Op zaterdag 23 oktober 1999 verrichtte een vliegtuig van het
typen Avro (RJ 85 of 100) van Sabena (DAT) oefenvluchten boven
de Groenenhoek (Berchem) op minder dan 50 m boven de
bebouwing. Ook in Vremde werken deze oefenvluchten op de
zenuwen van de mensen.
De hamvraag stelt zich of Sabena en ook andere
luchtvaarmaatschappijen - zoals VLM, vorige week zondag met
Fokker 50 met een gestyleerde "i" op zijn staart -
zomaar tijdens het weekend in Deurne komen oefenen. Enkel
tijdens het weekend zijn deze Avro's vrij, maar in Zaventem
blijft het te druk om er oefenrondjes te draaien.
Nochtans bestaat er een alternatief. Hiervoor kan bijvoorbeeld
een (oude) luchtmachtbasis zoals Brustem worden gebruikt.
5. Sportvliegtuig maakt meer lawaai dan goederentrein
Op 21 juni 2001 reed omstreeks 19u10 een goederentrein op 60
meter voorbij een woning aan de Arbeidersstraat te Berchem.
Tegelijkertijd vloog een sportvliegtuig over dezelfde woning.
Luister naar het verschil.
Om een nog beter idee te vormen van de lawaaihinder: